Van de baan: een avond bij de hoeren

Voor Kans, het donateursmagazine van het Leger des Heils, liep ik een avond mee in de huiskamer bij de Groningse tippelzone. Een baken van warmte en rust in een kille, jachtige omgeving. Ik schreef er dit verhaal over.

VAN DE BAAN

Een kop koffie, een douche, een luisterend oor; in de woonkamer brengt het Leger des Heils warmte aan de dames van de tippelbaan in Groningen. De witte keet is tevens een plek om even te ontsnappen aan de soms keiharde werkelijkheid. ‘Niemand staat hier voor zijn lol.’

‘And I know that if you love me too, then what a wonderful world it would be.’

De Groningse woonkamer vult zich met de grote hit van de Amerikaanse soulzanger Sam Cooke. Medewerkers Ruth en Grytsje van hert Leger des Heils kijken aan de eettafel op een laptop naar de trouwfoto’s van de laatste. Voor de rest is er niemand. De televisie staat uit, de twee rode tweezitsbanken zijn leeg. Buiten wordt het langzaam donker. Het valt ineens op hoeveel auto’s vanaf de Bornholmstraat de parallelweg opzoeken; autolampen werpen om de haverklap hun schijnsel door de niet-verduisterde, bovenste twintig centimeter van de ramen. De rust wordt onderbroken door een harde deurbel. Snel daarna zwaait de deur open. ‘Ik moet condooms hebben,’ bromt Rita , een donkerharige vrouw van in de veertig. Haar schouders hangen wat naar beneden; ze mompelt dat het een moeilijke avond is. Ruth staat op, loopt naar de keuken en overhandigt de gevraagde condooms. Terwijl Rita een plastic beker vult met koffie blijft ze onverminderd mopperen – amper nog verstaanbaar. Op weg naar buiten draait ze zich nog één keer om en verheft haar stem. Eindelijk is ze goed te verstaan: ‘En die meiden daar op de hoek werken onder de prijs. Daar moeten jullie wat van zeggen.’

Afwerkplek
Het is weer stil. Rita heeft haar plek langs de tippelbaan weer ingenomen. Samen met zo’n twintig andere vrouwen op het Groningse industrieterrein, lonkt ze richting de constante stroom van auto’s, die stapvoets de tweehonderd meter langs de drie plexiglas hokjes afleggen. Dure Mercedessen en BMW’s, gezinsauto’s met kinderstoeltjes op de achterbank, bedrijfsbusjes met logo’s op de zijkant: allemaal spelen ze het zelfde spel. Als de remlichten oplichten, gaat het raampje open en zijn de onderhandelingen geopend. Is de deal gesloten, dan stapt de dame in en slaan ze gezamenlijk linksaf aan het eind van de baan naar een parkeerplaats met vijf aluminium wandjes – de afwerkplek. En anders gaat het rechtsaf. Huiswaarts. Of nog een rondje, in de hoop wat af te kunnen dingen op het gerief. ‘Het doet af en toe wel wat met mijn manbeeld’, vertelt Ruth. De 25-jarige Groningse is hulpverlener van het Leger des Heils en werkt sinds december in de woonkamer aan de tippelbaan. ‘Het is belangrijk dat we er zijn voor de vrouwen. Zij verdienen een plek waar ze even kunnen bijkomen.’

Drugs
Tijdens deze hele dinsdagavond blijft de deurbel rinkelen. De bezoekjes zijn kort en functioneel. Een bak koffie, even de telefoon aan de oplader, verse condooms of nieuwe pantys. Iedereen kan een kluisje krijgen en gebruik maken van de kleedkamer met toilet en douche. Achterin is een spreekkamer waar een dokter van de GGD wekelijks consult houdt. Een maatschappelijk werkster van Verslavingszorg Noord-Nederland (VNN) komt elke week langs. Er is zelfs een plek om drugs te roken – op de baan is dat niet toegestaan. ‘We keuren het niet goed’, verklaart projectleider Sarien Horinga, ‘maar wij willen ook deze vrouwen graag zien en waarderen zoals ze zijn. En we kunnen ze zo een beetje in de gaten houden. Buiten hebben wij niet overal zicht op.’ Als de bezetting het toelaat, wandelen de Leger des Heils-medewerkers even de baan af. Horen hoe het gaat, luisteren wat er speelt. Niet iedereen neemt de moeite om zich in de huiskamer te melden – elke seconde weg van de baan staat immers gelijk aan potentiële inkomstenderving. ‘Willen we wat bereiken’, vervolgt Sarien, ‘dan moet de afstand zo klein mogelijk zijn. En dat doen we vooral door zelf het contact te zoeken en te laten weten dat we er zijn.’

Pasta met zalm
Wat dat betreft was deze dinsdag een speciale. Sinds het Leger des Heils eind december het huiskamerproject overnam van VNN, organiseren de medewerkers eens per maand een maaltijd. Gratis, een uur voor de baan open gaat. En iedereen is welkom. Eerder vanavond deden Rita en Rosa zich tegoed aan pasta met zalm. Als na het gebed Rita vertelt over de man die haar probeerde te dwingen met hem mee te gaan, spitsen de oren. ‘Hij komt hier altijd. Hij wilde me weer naar huis brengen, voor gratis seks. Ik heb me klein gemaakt, oogcontact vermeden en gezegd dat ik dat niet meer wil.’ Op zulke momenten haken de Leger des Heils-mensen meteen in, vertelt Sarien. ‘Complimenteren. Bekrachtigen. Ze heeft het goed aangepakt; dat schouderklopje verdient ze. En vervolgens laten weten dat wij haar kunnen helpen, dat we de politie bellen als iemand vervelend is. De wijkagenten hier kennen we. Fijn dat ze het vertelde – ondanks dat het door merg en been ging. Ze vertrouwt ons blijkbaar.’

Onguur
Greet komt hier ‘al langer dan goed voor me is.’ Ondanks haar fysieke klachten, en ook psychisch heeft de Groningse het moeilijk. Toch blijft ze terugkomen, voor een paar tientjes op een avond. ‘Ik zit in de bijstand, kan alle eindjes net aan elkaar knopen. Als ik met mijn dochter naar de bioscoop wil, of de kat moet naar de dierenarts, kom ik niet rond. Dus probeer ik hier wat bij te verdienen. Maar alleen tot een uurtje of elf hoor, met de zakenmannen en zo. Na elf uur wordt het onguur, dan wil ik weg.’ Het is een uurtje of tien als ze de huiskamer binnenstapt. Ze schenkt een bak thee in en gaat er rustig voor zitten. Vragen staat vrij – ze vindt het fijn om gehoord te worden. ‘Dat is het goede aan het Leger. De sfeer is hier warm, persoonlijk. Ze geven ons een plek om te zijn.’

Crisis
De ruim zeventig vrouwen die hier hun geld verdienen, zijn onder te verdelen in drie groepen, legt Greet uit. De verslaafden, de buitenlandse vrouwen en de types zoals zij: ‘Huisvrouwen met schulden, al dan niet met psychische problemen. Neem van mij aan: niemand staat hier voor zijn lol. Wat ze ook zeggen. Het is hier ook crisis, de klandizie loopt terug. En soms heb je een rotklant. Dan is een plek als dit fijn. ‘We kunnen ons verhaal kwijt en er wordt ook écht geluisterd.’

Het verhaal van Greet illustreert hoe moeilijk het is om de vrouwen te helpen, stelt Sarien. Je kunt vragen hoe het gaat, acteren op signalen. Maar een probleem als mensenhandel aanpakken? Daadwerkelijk vrouwen helpen uit het vak te stappen en een normaal leven op te bouwen? Verslavingen indammen? Dat is heel lastig. ‘We proberen het, maar je moet ons er niet op afrekenen. Neem van mij aan: als je het vraagt heeft niemand een pooier. Iedereen kiest er zelf voor hier te staan, zullen ze zeggen. Het enige dat wij kunnen doen is er zijn. Dan heb je soms mooie gesprekken. En soms, heel soms, kunnen we daadwerkelijk iemand verder helpen. Daar zijn we scherp op, we zullen het altijd proberen. Tot die tijd moeten ze zich vooral veilig voelen bij ons.’

‘Because the night, belongs to lovers. Because the night, belongs to us.’

Rosa is achter de computer gekropen, ze zingt uit volle borst mee met Patty Smith’s wereldhit uit 1978. Vanwege een aanval van zenuwpijn in haar rechterbeen valt het werken haar zwaar vanavond. De paracetamol werkt slecht, ze zit meer binnen dan dat ze buiten staat. Haar harde stem, in knauwend Gronings, dendert door de huiskamer. ‘Als je lacht’, glimlacht Ruth vanaf de eettafel, ‘rammelen de ruiten in de sponningen.’ Rosa voegt meteen de daad bij het woord. Jezelf groot maken, dát is haar wapen. Dan doen ze haar niets, meent ze. En, voegt ze er mompelend aan toe: ‘Dan horen ze me tenminste.’ Ylona komt binnen; het iele meisje heeft chocolate chip cookies meegenomen, in een tupperware bakje. ‘Hier, neem er maar eentje. Delen wat je hebt, zo ben ik opgevoed. We moeten het samen doen, toch?’

De woonkamer in 100 woorden

Sinds eind december 2014 zijn medewerkers van het Leger des Heils elke dag van zeven uur ’s avonds tot twee uur ’s nachts aanwezig in de huiskamer aan de Groningse tippelzone. Voor toezicht op de veiligheid en gezondheid van de vrouwen. En om ze eventueel te helpen een stap te zetten naar hulpverlening, bijvoorbeeld om uit het vak te kunnen stappen.

Maar bovenal is de huiskamer een laagdrempelige plek waar de vrouwen zichzelf kunnen zijn en ze een luisterend oor treffen. Het Leger des Heils werkt samen met partners in de verslavingszorg, maatschappelijke opvang en de gezondheidszorg. Projectleider Sarien Horinga: ‘Vertrouwen wekken, winnen en waarmaken. Er zijn en aansluiten.’

Fotocredit: Kees van der Veen

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *